Berg op, berg af

Vandaag moest ik ineens denken aan iets wat ons overkwam toen we (héél lang geleden) een keer op vakantie gingen. Eerst ging onze auto vlak voordat we weg gingen stuk. Dikke pech en niet te repareren voordat we op weg zouden gaan. In zijn onbetaalbare goedheid besloot de baas van mijn vader om voor ons een huurauto te regelen. We konden toch op weg!

We hadden dikke lol in die Ford Mondeo stationwagen. De auto had vet veel ruimte, meer dan onze normale auto, en dus gooiden we het ding vol met hond, koffers en andere zooi die je normaal nooit meeneemt op vakantie. De Mondeo had ook een aardige turbo, dus we konden er naar hartelust mee rondscheuren. Dachten we. De turbo wilde nog wel eens haperen en niet inslaan op het moment dat we ‘em juist het hardst nodig hadden.

Turbo faalt

Op een dag reden we de bergen in. Leuke weggetjes met een flink hoog stijgingspercentage – als je van autorijden houdt, dan weet je dat het een heerlijke tocht was. Helaas stonden we op een van die steile weggetjes ineens stil. Zo stil, dat de turbo er ook geen beweging meer in kon krijgen en het dus voor gezien hield. Flink gassen hielp niet. En dus moesten we ons langzaam een eindje de berg af laten zakken tot een punt waar het wat minder stijl was. Pas toen kregen we de auto weer aan de praat.

Stijgen en dalen

Weet je, onze relatie met God is vaak net zo. Er kan een flinke stijgende lijn in zitten, waarbij we ons heel dicht bij Hem kunnen voelen. Dat zijn van die heerlijke momenten van aanbidding, liefde en blijdschap waarin het tot ons doordringt hoe groot God eigenlijk is en hoe lief Hij ons heeft. Momenten die je moet koesteren als je het even niet meer ziet zitten.

Tegelijk zijn er van die momenten in het leven dat de motor ineens even hapert. Alsof je stil staat op de berg, terwijl je nog niet boven bent. De weg lijkt je te stijl en gas geven helpt niet meer. En je geloof zakt een eindje terug, wat soms best moedeloos kan maken. Hoe kom je dan weer vooruit?

Rotsvast vertrouwen

Ik zat als kind met mijn zusjes achter in de auto. Het was natuurlijk reuze spannend wat er gebeurde. Zouden we eigenlijk wel naar beneden kunnen rollen? Stonden we nu vast op de berg? Tegelijk was er ons rotsvaste vertrouwen in onze pa: als iemand de motor weer aan het draaien kon krijgen, dan was hij het wel!

Wel een grappige vergelijking bedenk ik me nu. Ook in de achtbaan die het geloof soms is, is er altijd één vaste rots op wie je kunt bouwen. Op Jezus, Gods Zoon. Als er een is die de motor weer aan de praat kan krijgen, dan is het Hij wel.

Vertrouw op Jezus

Dat is misschien wel de belangrijkste les die ik telkens weer moet leren: dat niet ik, maar God de kar trekt die geloof heet. Het ligt niet aan mij of ik boven in die bergen kom.

Jezus nodigt jou en mij uit om het stuur aan Hem te geven. Om op Hem te vertrouwen. En Hij zal je vertrouwen niet beschamen. Sterker nog, Jezus belooft: “wie op mij vertrouwt zal hetzelfde doen als ik, en zelfs meer dan dat!” (Joh. 14:2). Hoe mooi is dat?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.