God houdt van het Leven

Het was een ochtend zoals er al honderden voorbij waren gegaan. Ik reed met mijn auto nietsvermoedend over de weg naar Apeldoorn. Het was een mooie dag, warm, maar niet te, en met mijn nog wat slaperige hoofd genoot ik van de rit. Tot we bij de bocht kwamen.

De helft van de tijd rij ik op de automatische piloot, terwijl mijn gedachten afdwalen naar allerlei zaken die mijn aandacht opeisen. Zodoende schrok ik van de bus die de bocht net had afgerond en met zijn lichten naar mij en mijn voorganger flikkerde, om aan te duiden dat er verderop iets aan de hand was. Ik ging rechter achter het stuur zitten en minderde alvast vaart.

Mijn voorganger en ik rondden de bocht en moesten even verderop daadwerkelijk in de remmen. Langs de kant stonden auto’s met de knipperlichten aan. Aan de overkant van de weg was duidelijk iets gebeurd. Er stonden mensen met gele hesjes langs die kant van de weg. Stapvoets reden we langs de plek van het ongeluk, en toen zagen we iets wat ik nooit meer zal vergeten. Een fietser lag midden op de weg, geschept door de auto die een heel eind verderop gedeukt en al stond.

Hoop
De rest van de weg naar mijn werk bleef dat beeld in mijn hoofd hangen. Ik bad voor de jongeman – tegen beter weten in. Wat ik had gezien, gaf weinig reden tot hoop. Later vernam ik via de media dat hij naar het ziekenhuis was gebracht en diezelfde avond was overleden.

Ik kon de gebeurtenissen moeilijk van me afzetten. In mijn gedachten zag ik regelmatig het beeld van de jongeman. Ik merkte dat ik over het voorval nauwelijks kon praten met de mensen om mij heen. Het beeld van die jongen op de weg bleef maar terugkomen. Gelukkig veranderde dat nadat ik het uiteindelijk deelde met mijn vrienden en voor mij liet bidden.

Fietsen
Een tijdje later reed ik met mijn fiets door het bos. God en ik hebben een bijzondere band met dat bos. Vaak, als ik me niet zo goed voel of behoefte heb aan stilte en beweging, ga ik naar het bos om God te ontmoeten. Hij leidt mij door het bos en laat mij wegen en dingen zien die ik anders niet zou zien.

Die avond reed ik met mijn hoofd vol vragen over de zandpaden. Waarom had God dit ongeluk laten gebeuren? Waarom moest ik het zien? Het raakte me dat het leven van deze jongeman zo vroeg al was afgebroken. Wat was daar de zin van geweest? En waar zou hij nu zijn? Bij God? En waarom raakte het mij zo? Wat zou God hier zelf eigenlijk van vinden?

Openbaringen
Bij die laatste vraag openbaarde God mij iets bijzonders. Iets wat ik altijd al heb geweten, maar nooit zo duidelijk had beseft. Namelijk dat God zo’n ongeluk ook verschrikkelijk vindt! God heeft deze hemel en aarde goed geschapen, zonder pijn, dood en verderf. Deze wereld, onze planeet, was een paradijs waar we niet bang hoefden te zijn voor de dood. Die was er simpelweg niet. Zo had God de aarde bedoeld.

Er brak nog een tweede openbaring door: God houdt van het leven! Daar, in dat bos, keek ik om me heen en schoot die gedachte door mijn hoofd. Overal om je heen, waar je ook kijkt, zelfs in de heetste woestijn, overal is leven. De aarde krioelt er waarlijk van. God wees me op de planten, de bomen en de dieren die ik in het bos hoorde en zag. Ik verwonderde me erover dat, zelfs op het aangestampte zandpad waar ik overheen fietste, de natuur overal zichtbaar was en de kale en kille paden probeerde terug te veroveren op de mens. Onze God is een God van leven, niet van de dood!

Nog een derde openbaring brak bij in mij door, toen ik dat alles zag: ik hou van het leven! Daarom raakte het me zo dat ik getuige was van de laatste uren van deze jongeman. Die openbaring schoof ook iets in mij op zijn plaats. Ik heb vaak gedacht dat het leven zinloos is en dat er soms beter een einde aan gemaakt kan worden. Nee, ik heb nooit met zelfmoordgedachten rondgelopen, maar ik heb me wel vaak ellendig en boos gevoeld. Ik heb vaak gedacht dat God beter een einde aan de wereld kan maken, dan de ellende te laten voortduren die overal om ons heen te vinden is.

Leven!
Maar dat is niet wat God wil. Ja, ooit zal Zijn koninkrijk zich hier weer op aarde vestigen en alle ellende, boosheid en verdriet uitwissen. We zullen in een nieuwe wereld en een nieuwe hemel leven. Maar tot die tijd koestert God het leven. Hij geniet er mateloos van. De wetenschap kan niet verklaren wat leven is, maar God geniet er onwaarschijnlijk veel van en het leven is voor Hem misschien wel het allerbelangrijkste in dit hele heelal.

Laatst las ik het verhaal van een jong meisje dat zichzelf sneed omdat ze zich zo ellendig voelde. Ze kwam in aanraking met een voorganger van een kerk die haar over de liefde van Jezus vertelde. Ze was verkocht, gaf haar leven aan Jezus en hield op met zichzelf te snijden. In een brief getuigde ze van haar nieuwe leven met Jezus.

Mateloos geliefd
Iets in haar leven was scheef komen te zitten en God trok het weer recht. God houdt van haar. Hij houdt van het leven. Hij houdt van jou. Hoe ellendig je je ook kunt voelen, er is altijd hoop, want de Schepper van het leven is ook de Schepper van jou. En net zoals Hij het leven koestert, net zo mateloos, onwaarschijnlijk veel houdt Hij van jou!

Eén reactie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *